Opbouwende kritiek geven klinkt eenvoudig, totdat je tegenover iemand zit die jouw feedback persoonlijk opvat. Hoe benoem je wat beter kan, zonder dat de ander meteen in de verdediging schiet? Goede kritiek draait niet alleen om wat je zegt, maar vooral om hoe je het brengt. En in dit artikel leer ik je precies dat te doen! Lees daarom snel verder en maak van kritiek een gesprek dat vooruithelpt.
Wat is opbouwende kritiek?
Opbouwende kritiek is feedback waarmee je iemand helpt om gedrag, werk of prestaties te verbeteren. Je benoemt daarbij concreet wat je hebt waargenomen, legt uit welk effect dat heeft en geeft aan wat volgens jou anders of beter kan. Het verschil met gewone kritiek zit vooral in de bedoeling en formulering. Opbouwende kritiek richt zich niet op de persoon, maar op veranderbaar gedrag. Goede opbouwende kritiek is dus specifiek, respectvol, eerlijk en bruikbaar. De ander weet na afloop niet alleen wat er misging, maar vooral wat hij of zij de volgende keer anders kan doen.
Wat is een voorbeeld van opbouwende kritiek? Nou, wat dacht je van:
- “In het rapport ontbreken drie bronvermeldingen. Wil je die voortaan controleren voordat je het document doorstuurt?” (i.p.v. “Je bent altijd zo slordig”)
- “Ik merk dat je me een paar keer onderbreekt terwijl ik mijn punt nog niet heb afgemaakt. Wil je me eerst laten uitspreken?” (i.p.v. “je luistert ook nooit!”)
- “Ik heb gezien dat je drie keer na de afgesproken starttijd aanwezig was. Ik zou graag zien dat je morgen wel op tijd bent.” (i.p.v. “Je bent altijd te laat!”)
Wat is het verschil tussen kritiek en feedback?
Ik geef onder andere feedback trainingen voor tijdwinst.com en deze vraag wordt me toch zeker een keer per week gesteld. Als je me zo naar het verschil tussen feedback en kritiek vraagt, dan zou ik zeggen dat kritiek veelal een afkeurend oordeel is over een persoon of prestatie. Je vindt iets of iemand niet goed en vindt dat er verandering nodig is.
Feedback daarentegen is een neutrale terugkoppeling, ook al is het soms over iets dat niet goed is gegaan (negatieve feedback). Feedback gaat over gedrag en heeft als doel om de ontvanger van de feedback vooruit te helpen. Diegene te laten groeien.
| Kritiek | Feedback | |
| Doel | Het afkeuren van een prestatie of actie. | Het ondersteunen van iemands groei en ontwikkeling. |
| Focus | Richt zich vaak op de persoon zelf | Richt zich op concreet, feitelijk gedrag |
| Tijd | Gaat meestal over fouten uit het verleden. | Is gericht op de toekomst en hoe het beter kan. |
| Toon | Vaak subjectief, oordelend of negatief. | Neutraal, feitelijk en constructief |
| Gevoel | Voelt als een aanval, waardoor de ander in de verdediging schiet. | Nodigt uit tot dialoog en zelfreflectie. |
| Voorbeeld | “Je bent ook nooit op tijd voor de vergadering.” | “Ik merkte dat je vandaag later aansloot. Hierdoor moesten we opnieuw beginnen.” |
Vraag je je dus nu af: “Is kritiek positief of negatief?” Dan wil ik wel nog een kleine opmerking plaatsen: opbouwende kritiek is wel gericht op mensen te helpen zich verder te ontwikkelen. Ik zou opbouwende kritiek dus wel zien als iets positiefs. Het is immers een vorm van constructieve feedback. Destructieve kritiek is wel negatief, omdat het subjectief en veroordelend vaak is.
Wanneer kun je opbouwende kritiek het beste geven?
Opbouwende kritiek werkt het beste wanneer de ander er ook daadwerkelijk iets mee kan. Geef je feedback daarom bij voorkeur zo snel mogelijk na de situatie, zolang het voorval nog vers in het geheugen ligt. Wacht je weken, dan wordt het lastiger om precies terug te halen wat er gebeurde en voelt de kritiek al snel als een oude rekening die alsnog wordt gepresenteerd.
Een veldexperiment uit 2020 van Lechermeier, Fassnacht en Wagner onder medewerkers in digitale dienstverlening liet zien dat real-time feedback tot betere prestaties leidde dan feedback die pas later werd gegeven. Een verklaring was dat medewerkers bij snelle feedback sterker het gevoel hadden dat ze nog iets met die informatie konden doen.
Eerder onderzoek van Kulik & Kulik in 1988 analyseerde al 53 studies naar de timing van feedback. In praktijkgerichte leersituaties bleek onmiddellijke feedback doorgaans effectiever dan uitgestelde feedback. Tegelijkertijd lieten ze zien dat het effect afhankelijk is van de soort taak. Taakcomplexiteit speelt dus mee. Een studie uit 2026 van professor Ehsan Rassaei vond dat directe feedback goed werkte bij relatief eenvoudige taken, maar minder goed bij complexe taken. Wanneer iemand al veel informatie tegelijk moet verwerken kan feedback tijdens de taak extra cognitieve belasting veroorzaken.
Kritiek geven voorbeelden per situatie
- Bij meetings: “Ik merk dat je de laatste drie vergaderingen later binnenkwam. Daardoor moeten we onderwerpen soms opnieuw bespreken. Zou je voortaan vijf minuten voor aanvang kunnen aansluiten?”
- Bij collega’s: “Ik merk dat je me vaker in de reden valt, als ik iets uitleg. Daardoor kan ik mijn punt niet goed afmaken. Ik zou het prettig vinden als je me eerst laat uitspreken en daarna reageert.”
- Bij een leidinggevende: “Wanneer prioriteiten tussendoor veranderen zonder toelichting weet ik niet altijd waar ik mijn aandacht op moet richten. Kun je bij zo’n wijziging aangeven wat daardoor minder belangrijk wordt?”
- In een relatie: “Als je tijdens ons gesprek op je telefoon kijkt krijg ik het gevoel dat je er niet helemaal bij bent. Ik zou het fijn vinden als we onze telefoons even wegleggen wanneer we iets belangrijks bespreken.”
Kies daarnaast een rustig moment waarop jullie allebei tijd hebben om het gesprek te voeren. Niet midden in een vergadering, vlak voor een deadline of wanneer de emoties nog hoog oplopen. Bij gevoelige kritiek is een gesprek onder vier ogen meestal verstandiger dan feedback waar collega’s bij zitten.
Hoe geef je opbouwende kritiek? Zo in ieder geval niet
Bij constructieve kiritken geven gaat het niet alleen om wat je zegt. Sommige formuleringen zorgen er juist voor dat de ander dichtklapt, zich aangevallen voelt of vooral bezig is met zichzelf verdedigen. Vermijd daarom vooral deze valkuilen:
- Maak het niet persoonlijk. Benoem alleen concreet gedrag.
- Gebruik geen woorden als “altijd” of “nooit.”
- Vul nooit iemands intentie zo maar in, zonder na te vragen. Iets met NIVEA of zoiets?
- Verlaag je niet tot verwijten, maar leg liever uit welk effect het gedrag had.
- Verpak je opbouwende kritiek niet in sarcasme of humor, want dat verbloemt je echte boodschap.
- Vergelijk iemand ook niet met anderen.
- Geef je opbouwende kritiek niet, als je zelf nog staat te shaken van venijn. Dan wordt feedback al snel een uitlaatklep in plaats van een bruikbaar gesprek.
In deze video legt mijn collega, feedback trainer Patrick van der Gulik, je uit welke woorden je absoluut achterwege moet laten in opbouwende kritiek.
Hoe geef je kritiek zonder iemand te kwetsen? 4 tips om goede opbouwende kritiek te geven
Kritiek uiten is tamelijk lastig. Je wil vertellen wat je op het hart hebt, zonder een ander voor het hoofd te stoten. Direct tot de kern komen, zonder een beschuldigend vingertje te wijzen. Je gevoelens delen, zonder er te veel woorden aan vuil te maken. Gelukkig is het niet al te lastig, als je weet wat je doet. Deze tips deel ik ook met mijn cursisten in de training Feedback geven en ontvangen van tijdwinst.com:
- Zeg wat je ziet.
- Zeg wat je voelt.
- Zeg wat je wilt.
- Zeg wat je in het vervolg verwacht.
1. Zeg wat je ziet (niet wat je denkt)
Geef je opbouwende kritiek wees dan objectief. Ga uit van wat je daadwerkelijk ziet of hoort. Van de werkelijkheid, niet van hoe jij de situatie kleurt. Er is geen plek voor subjectiviteit.
Je zegt daarom niet:
- “Je werk is slecht” — afbrekende kritiek
- “Je maakt altijd fouten” — generaliseren
- “Je luistert niet naar me” — impliceren dat het opzet is
- “Je hebt geen oog voor detail” — persoonlijke aanval
Dat zijn evaluaties — een mening of overtuiging die jij aan het gedrag van een ander koppelt. Een aanname, veronderstelling of vooroordeel. Daarmee eindig je enkel in een woordenstrijd.
Lever je opbouwende kritiek gebruik dan enkel observaties. Ongekleurde, objectieve waarnemingen van wat je daadwerkelijk gehoord of gezien hebt.
- “Twee grafieken in de opstelling kloppen niet.”
- “Je kwam een uur te laat bij de klant aan.”
- “Je had Christine beloofd het rapport vrijdag aan te leveren. Dat is niet gebeurd.”
- “Je hebt nog niet gereageerd op het stuk. Dinsdag verliep de deadline.”
Eerlijke, objectieve kritiek gebaseerd op feiten. Meningen achterwege gelaten. Daar kan je collega iets mee.
2. Zeg wat je voelt (niet wat je vindt)
Zeggen hoe jij over zaken denkt kan negatieve gevolgen hebben. Vooral wanneer jij denkt dat jij je gevoelens deelt, maar in feite gedachten deelt — “Ik heb het gevoel dat je niet graag met me samenwerkt.”
Het impliceert dat je met een beschuldigend vingertje een ander terecht wijst. Hij of zij kan dat zien als een persoonlijke aanval, en zal daardoor in de verdediging schieten — “Hoe kom je daarbij? Ik vind het hartstikke tof om samen aan dat project te werken!”
Dit bericht op Instagram bekijken
Je zegt daarom niet:
- “Ik voel me genegeerd” — daarmee zeg je: jij laat me links liggen.
- “Ik voel me aangevallen” — daarmee zeg je: jij valt mij aan.
- “Ik voel me niet serieus genomen” — daarmee zeg je: jij onderschat me
Geef je opbouwende kritiek dan laat je gedachten verkapt als gevoelens achterwege. Je zegt wat je écht voelt — door de emotie te benoemen.
- “Ik ben kwaad”
- “Ik ben gefrustreerd”
- “Ik ben verdrietig”
Je laat de beschuldigingen achterwege en focust je op de emotie die jij ervaart vanwege hun acties of woorden. Wat jij voelt kan niemand onderuit halen of ontkennen.
3. Zeg wat je wil (niet wat de ander fout doet)
Opbouwende kritiek geef je met de verwachting dat een ander iets in zijn of haar gedrag aanpast. Hiervoor moet de ander wel weten waarom je terugkoppeling geeft — met andere woorden: wat gaat het jou aan?
Deel jij dit, dan zal de ander sneller geneigd zijn je feedback aan te nemen en toe te passen. Zolang je echter weer dat beschuldigende vingertje achterwege laat, natuurlijk.
Je zegt daarom niet:
- “Ik heb aanmoediging van jou nodig” — daarmee zeg je: iedereen steunt me, behalve jij.
- “Ik zou het fijn vinden als jij transparanter bent” — daarmee zeg je: iedereen is open en eerlijk, behalve jij.
- “Ik wil meer begrip van je ontvangen” — daarmee zeg je: iedereen begrijpt me, behalve jij.
Om opbouwende kritiek juist te doen landen, benoem je wat jij nodig hebt zonder de ander daarbij te betrekken — zonder hem of haar de verantwoordelijkheid in de schoenen te schuiven.
- “Ik heb aanmoediging nodig.”
- “Ik heb transparantie nodig om te kunnen… ”
- “Ik heb heb begrip nodig, wil ik dit…”
Houd het kort bij jezelf, door verantwoordelijkheid te nemen voor je gevoelens.
4. Zeg wat je verwacht (niet wat eist)
Bij de laatste stap geef je aan wat je van de ander verwacht. Niet door ander gedrag of te eisen, maar door iets te verzoeken — een belangrijk verschil.
Een eis is namelijk eenrichtingsverkeer: jij wil dat de ander iets doet, ongeacht of hij of zij het daarmee eens is. Een verzoek komt van twee kanten: je houdt rekening met de gevoelens en wensen van een ander.
Je zegt daarom niet:
- “Ik wil dat jij beter je best doet.” — vaag
- “Ik wil dat je niet altijd commentaar levert zodra ik je wat vraag” — negatief
- “Ik wil dat je je mij van iedere beslissing op de hoogte houdt.” — eenrichtingsverkeer
Lever je opbouwende kritiek wees dan positief, duidelijk en concreet. Zeg wat je van de ander verwacht en maak dat specifiek. Praat niet over wat je niet wil, maar de positieve verandering die je wil zien.
Hoe ontvang je opbouwende kritiek zonder in de verdediging te schieten? In 6 stappen
Tja… maar jij ziet dus aan die ontvangende kant: je krijgt constructieve kritiek van iemand. Hoe kun je die kritiek goed ontvangen zonder defensief te worden? Ik raad de deelnemers van mijn trainingen de volgende 6 stapjes aan om beter te leren omgaan met kritiek:
Betere samenwerking begint vaak niet bij slimmer praten, maar bij beter luisteren. Luisteren, Samenvatten, Doorvragen voorkomt ruis, aannames en gedoe. Minder zenden, meer de focus op begrip. #tijdwinst #communicatie #lsd
— Tijdwinst.com (@tijdwinst) March 19, 2026
- Reageer niet direct.
- Gebruik de LSD-methode.
- Laat de ander concrete voorbeelden benoemen.
- Maak onderscheid tussen feitelijke observaties en interpretaties.
- Beoordeel eerlijk of de kritiek klopt.
- Kijk kritisch terug op je eigen gedrag.
1. Reageer niet direct
Negatieve feedback kan de neiging oproepen om jezelf direct te verdedigen of meteen met een antwoord te komen. Juist dan is het slimmer om je eerste reactie even tegen te houden. Geef jezelf een moment, blijf stil en richt je aandacht op wat de ander daadwerkelijk probeert over te brengen.
In deze aflevering van de Tijdwinst Podcast heb ik het met Björn Deusings, productiviteitsexpert en persoonlijke effectiviteitscoach, over hoe je stiltes slim benut.
Schrijf tijdens het gesprek de belangrijkste opmerkingen kort op. Zo hoef je niet alles direct te onthouden en kun je er later met meer afstand naar kijken. Bovendien helpt die kleine pauze om de eerste emotionele lading te laten zakken. Wanneer de spanning afneemt, is de kans groter dat je helder nadenkt en een stuk doordachter reageert.
2. Gebruik LSD
Voordat ik hier de DEA op de stoep heb staan, met LSD bedoel ik de gesprekstechniek: luisteren, samenvatten en doorvragen. Dat verkleint de kans dat je meteen in de verdediging schiet, omdat je eerst probeert te begrijpen wat de ander precies bedoelt. En met luisteren bedoel ik hier dan ook echt luisteren. Dus niet alvast een tegenargument voorbereiden in je hoofd. Niet ondertussen op je telefoon kijken. Je aandacht blijft volledig bij het gesprek.
Door de boodschap in je eigen woorden terug te geven en extra vragen te stellen, maak je duidelijk dat je de kritiek serieus hebt genomen en goed hebt begrepen. Je reageert daardoor minder vanuit je eerste emotionele impuls en meer op de inhoud van wat er daadwerkelijk is gezegd. Met gerichte vragen krijg je bovendien meer concrete informatie. Daardoor wordt kritiek duidelijker, beter te plaatsen en vaak ook een stuk minder bedreigend.
3. Laat de ander concrete voorbeelden benoemen
Opbouwende kritiek ontvangen begint met goed luisteren, maar daar mag je best iets tegenover zetten. Is de feedback vaag? Vraag de ander dan om concrete voorbeelden van jouw gedrag. Je mag bijvoorbeeld best vragen wanneer iets precies gebeurde of wat je toen deed of zei. Zo voorkom je dat je moet gissen naar wat de ander bedoelt. Bovendien krijg je informatie waar je daadwerkelijk iets mee kunt, waardoor kritiek minder als een oordeel voelt en meer als een kans om je gedrag gericht aan te passen.
4. Maak onderscheid tussen feitelijke observaties en interpretaties
Goed omgaan met kritiek begint bij één simpele stap: scheid wat er werkelijk wordt gezegd van het verhaal dat je er zelf direct bij bedenkt. Breng de boodschap daarom eerst terug tot concrete informatie:
- Wat benoemt de ander daadwerkelijk?
- Op welke situatie doelt diegene?
- Welk zichtbaar gedrag
- Welke uitkomst staat ter discussie?
Kijk vervolgens pas naar de betekenis die jij eraan geeft. Is die conclusie logisch of heeft je brein ondertussen zelf de ontbrekende stukjes ingevuld? Wanneer je waarneembare feiten losmaakt van verwachtingen, overtuigingen en veronderstellingen, schiet je minder snel in de verdediging. Daardoor kun je rustiger beoordelen welke kritiek bruikbaar is en wat je ermee wilt doen.
5. Beoordeel eerlijk of de kritiek klopt
Oké, je hebt nu de echte kritiek glashelder voor ogen. Wat nu? Niet iedere kritische opmerking levert je iets op. Sterker nog, soms slaat kritiek simpelweg de plank mis. Neem een uitspraak als: “Waarom doe jij dit nou nooit goed?” Daar kun je weinig mee, omdat de ander niet duidelijk maakt wat er precies verkeerd ging. Je weet niet over welke situatie het gaat, welk gedrag wordt bedoeld of wat er anders zou moeten. Daarmee kom je geen stap verder. Van nuttige of opbouwende kritiek is dan ook nauwelijks sprake.
Neem dus niet iedere kritiek zo maar klakkeloos aan. Beoordeel wat er wordt gezegd, maar neem ook mee van wie het komt. Sta even stil bij het soort feedback dat je ontvangt en vraag jezelf af of je er concreet iets mee kunt. Is de opmerking terecht? Staat er iets in waar je werkelijk mee verder kunt? Zie je dat nog niet meteen, onderzoek dan of er toch iets bruikbaars achter zit door kalm door te vragen.
6. Kijk kritisch terug op je eigen gedrag
Misschien denk je nu: “Maar hoe bepaal ik eigenlijk of kritiek terecht is?” Door bewust even afstand te nemen. Kijk tijdens zo’n reflectiemoment of de feedback is gebaseerd op concrete feiten, voorbeelden of waarnemingen. Controleer ook waar de kritiek precies op gericht is. Gaat het over iets wat je doet of over de manier waarop je werkt? Of wordt jij als persoon ineens het onderwerp?
Kijk vervolgens ook kritisch naar degene die de feedback geeft. Met welke bedoeling wordt dit gezegd? Komt de boodschap van iemand die geloofwaardig en oprecht is of lijkt er sprake van manipulatie, bijvoorbeeld gaslighting? Blijf je twijfelen, leg de situatie dan eens voor aan een collega, vriend of andere persoon die je vertrouwt. Een extra blik kan verrassend verhelderend werken.
Bepaal daarna wat jij met de kritiek wilt doen. Misschien blijkt er toch een nuttige boodschap in te zitten, ook al werd die bepaald niet subtiel gebracht. Het kan ook zijn dat de opmerking vooral iets zegt over de irritatie of frustratie van de ander. Door er bewust op terug te kijken, voorkom je dat je direct vanuit emotie reageert. Je kunt dan zelf kiezen: neem ik hier iets van mee, vraag ik om meer uitleg of besluit ik dat deze kritiek best bij de afzender mag blijven?
Conclusie: zo geef je dus opbouwende kritiek als een pro
Opbouwende kritiek geven was nog nooit zo… opbouwend. Lekker helder, concreet, zonder een ander te beschuldigen of tegen de haren in te strijken. Gebruik simpelweg bovenstaande 4 punten zodra je feedback geeft.
Een opfrisser:
- Zeg wat je ziet (niet wat je denkt) — gebruik enkel observaties. Ongekleurde, objectieve waarnemingen van wat je daadwerkelijk gehoord of gezien hebt.
- Zeg wat je voelt (niet wat je vindt) — zeg wat je écht voelt door de emotie te benoemen.
- Zeg wat je wil (niet wat de ander fout doet) — benoem je wat jij nodig hebt zonder de ander daarbij te betrekken.
- Zeg wat je verwacht (niet wat eist) — wees positief, duidelijk en concreet. Praat niet over wat je niet wil, maar de positieve verandering die je wil zien.
Maggs Rippen,
Communicatie-expert
Constructieve feedback geven begint bij goed communiceren – meld je aan voor een training gesprekstechnieken
“Hè? Lees ik een artikel over feedback geven en dan raad je een cursus gesprekstechnieken aan?” Dat klopt, want kritiek geven zonder te kwetsen, start bij assertief communiceren. Je wilt concreet kunnen benoemen welk gedrag je opvalt, welk effect dat op jou heeft en wat je graag anders zou zien, zonder dat je gesprekspartner direct in de verdediging schiet. In de eendaagse cursus gesprekstechnieken van Tijdwinst.com leer je daarom hoe je effectief communiceert. Je traint bijvoorbeeld hoe je je boodschap scherp formuleert, aandachtig luistert, gerichte vragen stelt en rustig reageert op wat de ander teruggeeft.
De nadruk ligt daarbij vooral op doen. Door realistische gesprekken na te spelen ontdek je al snel waar jouw eigen valkuilen zitten. Misschien zwak je je boodschap sneller af dan nodig is, ga je uitgebreid verklaren waarom je iets zegt of schiet je juist te snel naar je conclusie. Tijdens de oefeningen krijg je gerichte feedback van je trainer en pas je verschillende gesprekstechnieken meteen toe. Doordat de cursus in één dag plaatsvindt, heb je geen langdurig programma nodig om er praktisch voordeel uit te halen. Je gaat naar huis met technieken waarmee je opbouwende kritiek voortaan concreter, respectvoller en overtuigender kunt overbrengen.
Meer weten?
- Wil je leren omgaan met kritiek? Zo doe je het in 6 stappen
- Hoe kun je feedback geven of ontvangen met de STARR-methode?
- Wat betekent het om je aangevallen te voelen (+ 15 stappen om goed met kritiek om te gaan)?
- 3 feedback methoden die werken (en een veelgebruikte die dat NIET doet)
- Wat is het 4G-model (en hoe verbetert het je samenwerking)?
Dagelijks handige inzichten? Volg ons op social media!
Volg ons onder andere op Instagram of Pinterest. Daar krijg je niet alleen handvatten op het gebied van timemanagement, je ontvangt ook de slimme tips waarmee je jouw communicatie skills een boost geeft. De laatste artikelen netjes en overzichtelijk in je mailbox ontvangen? Schrijf je dan in voor de wekelijkse nieuwsbrief.
Leer je liever lezend, lees dan onze boeken Full Focus op wat echt belangrijk is en Elke Dag om 15.00 Uur Klaar. Maak kennis met de beste inzichten uit onze trainingen en leer slimmer werken in plaats van harder.
Of bekijk/beluister onze Tijdwinst Podcast! Iedere week een nieuwe aflevering op Youtube of Spotify.
Veelgestelde vragen over opbouwende kritiek
Wat doe je als iemand defensief reageert op jouw kritiek?
Reageert iemand defensief op jouw kritiek, ga dan niet meteen harder uitleggen waarom jij gelijk hebt. Dat maakt de kans groot dat de ander zich alleen maar verder ingraaft. Blijf rustig, luister naar de reactie en probeer eerst te begrijpen waar de weerstand vandaan komt. Vat samen wat je hoort en stel een open vraag, zoals: “Wat maakt dat je hier anders naar kijkt?”
Blijf daarnaast bij concreet gedrag. Zeg niet dat iemand “altijd ongeïnteresseerd” is, maar benoem wat je daadwerkelijk hebt gezien of gehoord. Geef de ander ruimte om daarop te reageren en erken het wanneer jouw kritiek anders overkomt dan je bedoelde. Je hoeft je feedback daardoor niet in te trekken. Je laat alleen zien dat je bereid bent om het gesprek te voeren in plaats van een oordeel af te leveren.
Kun je opbouwende kritiek via e-mail geven?
Ik zou constructieve kritiek altijd face to face in een 1-op-1-gesprek. Het is bij opbouwende feedback geven namelijk vaak niet alleen belangrijk wat je zegt, maar ook hoe je het zegt. Je non-verbale communicatie kan in een feedbackgesprek dus ook bepalen hoe je constructieve kritiek landt bij de ander.
Waarom werkt de sandwichmethode niet altijd?
Omdat de sandwichmethode misschien wel respectvolle kritiek geeft, maar dusdanig verpakt dat die feedback niet aankomt. En dat komt omdat je begint met positieve feedback, doorgaat met de opbouwende kritiek en vervolgens weer afsluit met een compliment. Dat is voor de ontvanger verwarrend. Bovendien hebben we als mens de neiging het positieve eerder op te pikken dan het negatieve.
Hoe noem je iemand die altijd kritiek heeft?
Een ware criticus. Of gewoon een ouderwetse zeurpiet of mopperaar.
Hoe noem je iemand die overal kritiek op heeft?
Iemand die overal kritiek op heeft, kun je een criticaster noemen.
Wat is positieve kritiek?
Positieve kritiek is feedback waarbij je benoemt wat iemand goed doet en waarom dat werkt. Het gaat dus verder dan een algemeen compliment als “goed gedaan”. Je maakt concreet welk gedrag je waardeert en welk positief effect dat heeft.
Bijvoorbeeld:
“Je legde tijdens de presentatie rustig uit hoe je tot je conclusie kwam. Daardoor was je verhaal makkelijk te volgen.”
Hoe zeg je “opbouwende kritiek” in het Engels?
“Opbouwende kritiek” vertaal je in het Engels meestal als constructive criticism.
Wat is kritiek?
Als je kritiek opzoekt, dan is de betekenis vaak een beoordeling of opmerking over iemands gedrag, werk, keuze of prestatie, waarbij je aangeeft wat volgens jou niet goed gaat, beter kan of anders zou moeten.
Kritiek hoeft niet per se negatief te zijn. Je hebt ook opbouwende oftewel constructieve kritiek. Opbouwende kritiek voorbeeld: “In hoofdstuk twee mis ik concrete voorbeelden, waardoor je boodschap minder duidelijk wordt”
Wie zijn wij? | tijdwinst.com
Tijdwinst.com is een trainingsbureau dat zich specialiseert in slimmer (samen)werken. We bieden door het hele land diverse (online) trainingen aan, variërend van timemanagement, assertiviteit, gesprekstechnieken tot aan snellezen. Nieuwsgierig? Neem dan zeker eens een kijkje op onze website of blogs, en schrijf je in voor één van onze (digitale) trainingen.





